Frank van Bommel: piano, harmonium, vibrafonette, xylofoon, glockenspiel, andere melodische percussie / Alan Purves: slagwerk, percussie, eigen ontworpen instrumenten
The Van Bommel / Alan Purves Duo guarantees original, compelling, witty and widely varied music full of striking sounds, surprising sonic subtleties and teasing tonal twists and turns, all performed with strong skill and excellent expertise. The most evident characteristic of these two professional performers is their marked mutual musical empathy, immediately manifesting itself during their very first ad hoc performance together, after which they spontaneously set up a professional duo.
Despite their definite differences in artistic approach, they combine mystical melodies with pulsating percussion, earthly utterances with the serene and spiritual, seriousness with wit. Carefully constructed compositions versus supremely serendipitous sounds, weird wildness versus cool calmness. Consequently, their music and improvisations are hugely diverse and comic, well thought out yet at the same time entirely spontaneous - instant improvisation versus crafty composition.
A minimum ensemble consciously chosen to provide maximum creativity and independence, guaranteeing their artistic individuality and leaving open as much space as possible for extra expansion and more mutual musical mobility.
In short: the continuous creation of exciting, dynamic live art at any particular moment in place and time. Two artists capable of captivating an audience in a vast array of widely varying venues, such as jazz clubs, theaters, concert halls, cultural centers, art museums and galleries, tryout spots - i.e. 'breeding grounds' for advanced music - festivals of diverse artistic bent, and much more…
Geboren in 1952 in Edinburgh, Schotland – en sinds de midjaren ‘80 permanent in Amsterdam wonend – is percussionist/slagwerker Alan "Gunga" Purves al meer dan 25 jaar bezig met zijn percussiecarrière die hem heeft meegenomen op een reis rond de gehele wereld, ondertussen veel muziekstijlen spelend en lerend...van jazz en geïmproviseerde muziek, rock en reggae tot folk en latin, en nog veel meer genres.
Deze excentrieke Schot is er van overtuigd dat hij als drummer werd geboren. Beter gezegd: als "squeekologist", zoals hij het zelf definieert. Hij maakt geluid met alles waar men geluid mee kán maken: potten, pannen, toeters en bellen, maar ook een drumstel indien nodig. Haalt werkelijk alles uit de kast om ritmes mee te creëren. Zo lang als hij zich kan herinneren is hij gefascineerd door ritmes, en overal hoort hij ze om zich heen.
Als kleine jongen droomde hij er al van om van beroep drummer te worden, maar er was thuis geen geld voor een drumstel en zijn ouders vonden het geen fatsoenlijk vak. Vandaar dat hij zichzelf heeft leren drummen op alles wat los en vast zit. Pas na jaren was het hem mogelijk een professioneel drumstel aan te schaffen, maar hij kon geen afscheid doen van zijn oude, meestal zelfgemaakte instrumenten.
(Excerpten uit een interview/portret door de Amerikaanse journalist Kevin Whitehead, gepubliceerd in de Volkskrant op 23 oktober 1998 en bijgewerkt op 16 januari 2009):
Alan Purves was eerst dameskapper en smid in Edinburgh voor hij genoeg geld gespaard had voor een drumstel. Woont nu permanent in Amsterdam, waar hij met zijn zeer aparte geluid veel gevraagd wordt in jazzgroepen. Komt niet uit de jazz, maar als hij in een langzaam tempo op het bekken blijft slaan, maakt hij er het onmiskenbare geluid van een jazzdrummer op de hi-hat.
De kern van Alan Purves' muziek: een zelfgevonden techniek en een zelfgevonden concept, met alle risico's van dien. In bijna elk concert komt hij wel met een vondst, en soms raakt hij er zo in verwikkeld dat men haast medelijden met hem zou krijgen. Maar pas op: van zijn gezicht valt geen enkele emotie te lezen. Purves heeft een pokerface – behalve als hij grote ogen opzet om wat iemand zegt of doet; als een ernstig kind dat niet snapt waar de volwassenen het over hebben. Hij spreekt Engels (of Nederlands) met zo'n dik Schots accent dat men zich afvraagt of hij het er soms om doet. Wat niet het geval is.
'Ik vind het nooit een probleem als ik eens naast de beat zit, omdat het voor mij makkelijk is er eentje bij te tellen of af te trekken en het weer te herstellen.' Hem gaat gemakkelijk af waar sommige ervaren drummers de grootste moeite mee hebben. 'Ik kan de vaste grond onder de voeten verliezen, maar dan blijf ik gewoon in de lucht, net zo lang tot ik hoor waar de rest van de band zit. '
Hij oefent niet op stijlen of licks, maar aan zijn staat van dienst (zie onderaan deze c.v.) kan geconstateerd worden dat etnische ritmen hem liggen: hij werkte lang met de Portugese zanger Fernando Lameirinhas, met de trompettist Rajnesh Mehta, in wiens ritmen je soms India terughoort, en de groep Bite the Gnatze van gitarist Paul Pallesen, die geïmproviseerde muziek verbindt met Britse folk.
Hij maakte in Sardinië cd-opnamen met plaatselijke zangers (samen met cellist Ernst Reyseger, met wie hij vaak duetten speelt); enige tijd later trad hij op met een dorpsorkest uit Transsylvanië. Vervolgens met de Amerikaanse zangeres Jodi Gilbert, en met de Argentijnse bandoneonspeler Gustavo Toker. Het weekeinde daarna speelde hij vrije improvisaties met de baritonsaxofonist Ad Peijnenburg.
Dankzij zijn aardse directheid en gebrek aan pretenties redt hij zich ook in meer traditionele situaties. Zijn arsenaal grijpt terug op universele jeugdervaringen: hij gebruikt piepbeesten en zoemende plastic buizen, kleine trommeltjes, enkelbellen, bekkens uit de Chinese opera, en 'bones' die hij op authentiek-Schotse wijze in beide handen laat klepperen.
Het maakt hem een hit op de kinderconcerten die hij regelmatig geeft met Ernst Reyseger en trombonist Wolter Wierbos. Als kind tikte hij met moeders breinaalden op emmers, en hij houdt nog steeds van het gekletter van heel lichte stokken op hoog gestemde trommels.
' Ik ben op m'n best als het niet al te duidelijk is wat van me wordt verwacht. De mooiste concerten zijn als ik echt geen idee heb. ' Vraag je hem om 'jazz' te spelen, dan is de kans groot dat hij dichtslaat, maar zet hem in een jazzgroep, en bedenkt hij wel iets bruikbaars.
' Ik hou van time cycles. Ik denk in triolen, in twee tellen per maat, in één tel per maat. Voor mij bestaat het hele universum uit dat soort combinaties. Maar als ik eenmaal de geest krijg, weet ik niet meer of ik een cyclus van zeven, vijf of tien tellen speel. Het fascineert me, maar tegelijk ben ik de slechtste time keeper die er is. '
Purves ziet er compact en robuust uit, en verzamelt stripboeken – een echte jongen. Groeide op in een ruwe buurt in Zuid-Edinburgh, met weinig perspectief op een carrière. 'De Einsteins op mijn school werden automonteur.' Jazz kende hij van Amerikaanse films op tv. Howard Hawks Ball of Fire, waarin jazzvirtuoos Gene Krupa een drumsolo met lucifers speelt, maakte diepe indruk.
Hij liep weg van school en ging werken in een kapsalon, waar hij hoofden mocht inzepen. Hij spaarde genoeg om een drumstel te kopen en werkte daarna als lasser en smid, 'het mannelijkste beroep op aarde'. Hij studeerde stiekem onder werktijd, met lasstaven als trommelstokken."
Nadat hij met een rockband naar Londen was vertrokken, ontmoette hij de saxofonist Sean Bergin, die jazzplaten voor hem draaide. Rond 1975 kwam hij naar Amsterdam, waar hij gaandeweg in de vrijgevochten theaterscene terechtkwam. Al gauw trad hij op met de clown Jongo Edwards en uiteenlopende dans- en theatergroepen. Twee jaar lang werkte hij met het Footsbank Traveling Theatre in Shakespeare’s 'Macbeth' – hij zorgde voor het slagwerk en de geluidseffecten."
Alan Purves wil 'alles' spelen – 'I'm a greedy bastard' – en dat lukt hem bijna. Hij speelt lawaaiïge rock en blues in Ierse bars in de Amsterdamse Pijp, en leverde discrete begeleidingen in Peggy Larsons zangkoor Peggy's Angels in een dorpskerk. Hij past precies in Sun Ra's 'space jazz' van Joost Buis' Famous Astronotes. 'Ik hou vooral van de kleur van zijn spel', zegt Buis. 'Hij is net Billy Cobham op kleuterschool. '"
Zelfs als hij z'n best deed, zou Purves nog niet doorsnee kunnen klinken – een mooie eigenschap als je naar individualisten zoekt. Gitariste Corrie van Binsbergen vroeg hem in haar groep Brokken 5. 'Ik wilde geen drummer’s drummer', legt ze uit. 'En Alan kan luisteren als weinig anderen, ook als hij met zijn eigen dingen bezig is. Het gaat hem om het geheel.' "
Purves was nooit lid van de muzikantenbond BIM, vanwege zijn fundamentele bezwaren tegen welke organisatie dan ook waar niet iedereen lid van kan worden.
1997 was een moeilijk jaar voor Purves. Hij scheidde van de moeder van zijn drie zoontjes (van wie hij zielsveel houdt), en ging aan het zwerven. Vier nachten sliep hij onder een boom in het Vondelpark, voor vrienden een zoektocht begonnen en hem terugbrachten naar de werkelijkheid.
' Het was een midlife-crisis, en nu heb ik het gevoel dat ik er mijn hele leven op heb zitten wachten. Ik wilde nooit zekerheid. Het idee van zekerheid maakte me juist onzeker, omdat je het vast moet houden '.
De nieuwe Gunga: hij heeft een verblijfsvergunning, woont in een fris Amsterdams appartement en speelt meer dan ooit, in gezelschappen van zeer uiteenlopende aard.
In zijn carrière trad Alan Purves o.a. op met: Corrie van Binsbergen, het Wisselend Toonkwintet, Remco Campert, Toon Tellegen, Kees van Kooten, Palinckx, Ernst Reijseger, Mark Lotz’ Lotz of music, Tineke de Jong, Theatergroep Flint, Sean Bergin's Mob, Andy Bruce's Rigidly Righteous, Handtheater, Jeroen van Vliet, Oene van Geel, Tristan Honsinger’s This That and the Other, Joost Buis' Astronotes, Paul Pallesen’s Bite The Gnatze, Fernando Lameirinhas, John Zorn, Mola Sylla, Frankie Douglas’ Sunchild, EGBA, Peggy's Angels, Ministry of Kebab, Peter Stampfl’s Holy Model Rounders, Han Buhrs’ Sumburmen en Nine Tobs, Han Bennink, Anton Goudsmit, het Frank van Bommel Kwintet, Augusto Forti's Gravitones, Django Edwards Friends' Roadshow, Sail Joia, Magpie, Available Jelly, The Malcoms, het Nederlands Auto Ensemble, de Argentijnse bandoneonspeler Gustavo Toker, de Indiase trompettist Rajesh Mehta, Block and Steel Dance, het Footsbank Traveling Theatre, de Suver Nuver en Orkater bands, e.a.
Daarnaast treedt hij regelmatig op als solopercussionist.
Alan Purves heeft de volgende cd’s gemaakt onder eigen naam:
Cellotape And Scotchtape - Ernst Reyseger & Alan Purves
O Amor Naturel – Alan Purves
All By Myshelf – Alan ‘Gunga’ Purves
(voor opnamen met andere ensembles, zie Alan "Gunga" Purves op Internet – MySpace Music)